logo
None

Complicatiekansen na slokdarmoperatie voorspellen met slimme data?

MedTech
Artificial Intelligence (AI)
Twente

Twentse onderzoekers komen stap voor stap dichterbij

Hoewel de technieken om een slokdarmoperatie uit te voeren de afgelopen jaren sterk zijn verbeterd, krijgen patiënten na deze risicovolle ingreep nog altijd regelmatig te maken met complicaties, die vaak ernstig zijn. Al jaren buigen artsen van Ziekenhuis Groep Twente (ZGT) zich daarom over de vraag: kunnen we eerder herkennen dat het met een patiënt niet goed gaat?

Datum van publicatie: 29 oktober 2026

Luister naar audio

Lees tijd +/- 6,5 minuten

“We zijn er nog niet, maar stap voor stap komen we dichter bij een oplossing”, vertelt Ewout Kouwenhoven. Hij is chirurg-oncoloog bij ZGT en werkt daarnaast eens in de twee weken als slokdarmchirurg in het Antoni van Leeuwenhoek.

In de afgelopen twintig jaar zag hij de kans om aan een slokdarmoperatie of de gevolgen daarvan te overlijden afnemen. Door centralisatie van de zorg werd meer ervaring opgedaan met de ingreep en werden operatietechnieken steeds beter. Ook kijkoperaties en later robotchirurgie droegen daaraan bij.

De kans op complicaties zag Kouwenhoven echter veel moeizamer dalen. Vooral een longontsteking of een lekkage bij de aansluiting die tijdens de operatie wordt gemaakt, kunnen grote gevolgen hebben. “Het zou mooi zijn als we eerder herkennen bij welke patiënt het niet goed gaat. Want als we eerder kunnen ingrijpen, kunnen we wellicht voorkomen dat iemand erg ziek wordt.”

 

Continu meten
Zeven jaar geleden startte Kouwenhoven daarom samen met onderzoekers van de Universiteit Twente met het continu meten van patiënten na een slokdarmoperatie. Een draadloze sensor leek daarvoor een oplossing. Waar een verpleegkundige waarden enkele keren per dag controleert, kan een sensor veel vaker meten zonder dat de patiënt met kabels aan apparatuur vastzit.

“We meten bijvoorbeeld hartslag, ademhalingsfrequentie, temperatuur en mobiliteit. Het lijkt erop dat we soms een paar uur eerder kunnen zien dat er iets afwijkt”, vertelt Kouwenhoven. “Maar we kunnen nog niet zeggen dat patiënten daardoor uiteindelijk ook minder ziek worden. Daarvoor is meer nodig.”

Het onderzoek kreeg een vervolg, waarbij onder meer werd gekeken of patiënten met behulp van de sensor eerder veilig naar huis kunnen om daar verder gevolgd te worden. Dit bleek niet eenvoudig. De techniek is nog niet altijd even robuust en bovendien verschilt ‘normaal’ van patiënt tot patiënt. Daarom werden patiënten al vóór hun operatie gemeten om hun persoonlijke uitgangswaarden te kennen.

 

Van sensor naar AI
Inmiddels gaat het onderzoek een stap verder. Want waarom alleen kijken naar de waarden van een sensor als er in het ziekenhuis veel meer informatie over een patiënt beschikbaar is? Bloeduitslagen, röntgenbeelden, observaties van verpleegkundigen en artsen en gegevens uit het patiëntendossier vertellen allemaal iets over het herstel. Samen met de Universiteit Twente en meerdere Nederlandse ziekenhuizen werkt de onderzoeksgroep daarom aan computermodellen die met behulp van AI die gegevens combineren. Dit is mogelijk door een bijdrage uit het Pioneers in HealthCare-fonds. Daardoor kon een promovendus worden aangesteld die zich volledig op het onderzoek richt. Inmiddels is de eerste wetenschappelijke publicatie verschenen en wordt verder gewerkt aan de ontwikkeling van het AI-model. Het toekomstbeeld? Een digitaal beslismodel dat de arts bijvoorbeeld waarschuwt dat een patiënt die naar huis lijkt te kunnen, een verhoogde kans heeft om enkele dagen later met een complicatie terug te komen.

“Het zal nooit zwart-wit worden”, benadrukt Kouwenhoven. “AI gaat ons werk niet overnemen. De arts blijft degene die beslist. Wel kan technologie helpen om een beter onderbouwde afweging te maken. Daarbij is het essentieel dat het model uitlegt waarop een voorspelling is gebaseerd.”

Dat biedt volgens hem nog een voordeel. “Ervaren artsen ontwikkelen door de jaren heen een gevoel voor patiënten bij wie ‘iets niet klopt’. AI kan jonge artsen mogelijk helpen om sneller zulke patronen te leren herkennen. En als complicaties eerder worden herkend of patiënten eerder veilig naar huis kunnen, kan dat uiteindelijk ook bijdragen aan lagere zorgkosten.”

 

Typisch Twentse innovatie
De weg ernaartoe kent nog genoeg uitdagingen. Ziekenhuizen gebruiken verschillende patiëntendossiers en zelfs laboratoriumwaarden zijn niet altijd rechtstreeks vergelijkbaar. Juist daarom is de samenwerking tussen zorg en technologie zo belangrijk.

“Ik ben er trots op dat we dit in Twente met elkaar doen. Ik heb geen verstand van wat de onderzoekers van de UT precies doen en zij weten weer niet alles van mijn werk als chirurg. Maar als we samen praten, ontstaan er mooie innovatieve ideeën.”

En misschien zit precies daar de kracht. Niet één uitvinding die het probleem in één klap oplost, maar steeds een volgende stap: van betere operatietechnieken naar robotchirurgie, van draadloze sensoren naar data en AI.

“We zijn er nog niet. Maar uiteindelijk hoop ik dat al die ontwikkelingen samen ervoor zorgen dat we eerder zien wanneer het herstel afwijkt, zodat we patiënten sneller weer op de been helpen.”

 

Pioneers in HealthCare (PIHC) Innovatiefonds

Het fonds brengt zorg en technologie in Twente en Salland bij elkaar. Universiteit Twente, Saxion, MST, ZGT en Deventer Ziekenhuis werken binnen het fonds samen om technologische innovaties in de zorg verder te brengen. Jaarlijks is 600.000 euro beschikbaar voor tien innovatieve projecten. Artsen, onderzoekers en technologen ontwikkelen samen nieuwe technologie voor betere patiëntenzorg of onderzoeken hoe bestaande technologie op een nieuwe manier in de zorg kan worden toegepast.

 

Deel gerelateerde artikelen op:

-

Marloes Neeskens

-

Ewout Kouwenhoven, ZGT

Up to date blijven?

Wil je als eerste op de hoogte zijn van innovaties en ontwikkelingen uit de regio? Onze verschillende nieuwbrieven bezorgen nieuws dat bij je past rechtstreek in jouw inbox. Schrijf je in en blijf up to date.

Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en Google Privacy Policy and Servicevoorwaarden apply.